Zelfde wind opnieuw als gisteren, en grijs. Maar vandaag gaan we toch vertrekken. Alles wordt in gereedheid gebracht, terug zeevast gemaakt
11 u vertrekken we, een beetje een gepuzzel met de meertouwen om niet te veel weggeblazen te worden met deze zijwind. Alles lukt goed en als we de haven buiten zijn, trekken we de genua open, lekker halvewinds richting Zweden. Het Oslofjord laten we dus letterlijk links liggen.
De zee is plat, geen golven, zeer weinig ‘groot’ verkeer, en het cargoschip waarmee we op aanvaringskoers zitten, verlegt zijn koers voor ons. De wind mindert en om snelheid te houden, gaat het grootzeil mee op.
Op de grens met Zweden wordt de nieuwe beleefdheidsvlag gehesen. Die hadden we al van toen we naar Bornholm gezeild hebben en uiteindelijk in het zuiden van Zweden belandden.
En dan naderen we de Koster Islands, Noord en Zuid en in de smalle engte tussen beiden, varen we op motor binnen: smal en ondiep, en goed uitkijken voor ondiepe rotsen.
We gaan in de haven Bopallen, op het Noordereiland liggen, er is nog een kleine plaats aan de lange steiger vrij, en we duiken erin. Lekker warm hier en ondertussen ook heel zonnig.
We wandelen eerst even naar de havenmeesteres en passeren het kleine en zeer gezellige restaurantje Strandkanten. Na ons aperitiefje aan boord, gaan we er eten, eenvoudig maar lekker. En dan : klaar om via de radio de rode duivels tegen Italië te volgen… De Duitse buren, Dieter en Bernd, met een Moody 38 uit Cuxhaven nodigen ons uit om de tweede helft bij hen op televisie te komen zien. Met enkele Duvels in ons mandje stappen we in hun kuip. De nederlaag is ondertussen een feit.








































































































































































