Rustdag

Maandag 3 juli: Helford River

Het is zonnig weer maar de westenwind zet zeer stevig door, ook op de rivier. We meten tot 29 kn wind.

Na ons ontbijt probeert Kurt het bijbootje op het voordek om te draaien om op te pompen, maar de werken worden snel gestaakt, straks hebben we misschien een vlieger, en dat is ook niet de bedoeling. 

Het wordt een dagje rust op onze boot, wat lezen, schrijven, koken en af en toe schuddend en bevend je staande te houden. 

Er komen niet veel nieuwe boten binnen, wel in de voormiddag een Engels schip, die de mooring voor ons oppikt. Die komt al snel in conflict met de Franse boot voor hem. Hoewel wind en stroom voor iedereen gelijk zijn, reageert elk schip anders, ttz sneller wegens vorm of gewicht. In ieder geval, deze 2 buurmannen liggen tegen elkaar, de Engelsen proberen het Franse schip met hun pikhaak af te duwen, en de Fransen komen net met hun bijbootje aan en helpen mee afhouden. Eind van het verhaal is dat de Engelsen opkrassen en een andere boei gaan zoeken. 

Dit was het meest avontuurlijke uur van de dag  😀 !

´s avonds wordt er op de boot geklopt, en komt de Harbour Master ontvangen. Hij neemt de boei voor ons uit dienst, hij hangt er een rood label aan. 

Timing

Zondag 2 juli: Penzance – Helford River (34 M)

We blijven bij ons eerste gedacht, ttz de middagopening van het dok, rond 15 u, zodat we deze ochtend nog wat kunnen doen, nl. 2 x 10 l mazout bij halen, en naar de winkel. Onderweg op de zeepromenade passeren we een zondagse happening, een reünie van oldtimers, met Austins, MG’s, Cadillacs, Mini’s,…

We maken ons klaar, voor wat misschien wel een pittig tochtje kan worden. We moeten Lizard Point ronden, meteo voorspelt 4 en 5 bft, tot 6 in The West, en dat is hier. Kurt gaat eerst nog betalen bij de havenmeester, en om 15u15 worden we door de Franse buren van de Merlin en de Lily B uitgezwaaid. Zeilen kunnen meteen naar omhoog, en binnen een mum van tijd worden we met 7 kn ruime wind vooruitgeblazen. De golven staan zijdelings en de autopilot heeft het moeilijk om de koers te houden. Beslissen dus om te reven, dat voelt veel beter. Op snelheid boeten we amper in.

Bij Lizard Point, dat we op 3 mijl ronden, is de wind wat minder, en daar moeten we koers verleggen, – 90 °, en wordt er gegijpt. Hier ontmoeten we de enige zeilboot op dit traject, Drifter of Mochras, ze komen uit Ierland, en varen gelijk op met ons. Ondertussen kunnen we de reven uithalen, en komt de stroom stilaan tegen. De schipper van de Drifter roept ons op : hij neemt foto’s en een filmpje en wil ons dat mailen. Enkele minuten later ontvangen we zijn beelden, we doen uiteraard voor hen hetzelfde.

Bij de aanloop van de rivier Helford, strijken we de zeilen en gaat het wind op kop, een halfuurtje op motor, tot we de eerste vrije groene Visitorboei oppikken voor ons plaatsje voor deze nacht.
Well done, al zeggen we het zelf.

Mousehole en Newlyn

Zaterdag 1 juli: Penzance

Vandaag is de zon terug van de partij, er is nog steeds genoeg wind, dat wel. Kurt gaat even naar de winkel, er wordt wat opgerommeld. Tegen de middag wandelen we via de mooi aangelegde promenade naar Newlyn, het vlakbij gelegen vissersdorp. Hier ligt inderdaad een hele vloot vissers, de schepen zijn wel een stuk kleiner dan die bij ons, op sardines (pilchards, als ze groter zijn dan 15 cm) wordt gevist met bootjes van max. 10 m.

Verder gaat het via het Coastal Path tot Mousehole, we doen nog een kleine omweg, nog dichter bij de zee, zodat we uiteindelijk klimmend tussen het struikgewas ons naar boven trekken aan de wortels van planten en struiken.

De Engelse buurman die achter ons ligt, Windswept of Beaulieu, heeft ons doen twijfelen over het uur van vertrek morgen. De toegang tot dit dok, van hoogwater -2 tot +1, betekent ofwel vertrekken tussen 2u30 en 5u30 ofwel tussen 15 en 18 u. Zij vertrekken ’s ochtends maar blijven dan nog tot 12 u aan de mooring buiten wachten. Wij dachten met het middaguur buiten te gaan en meteen door te varen. Dat wordt dus nog eens even alles in de boeken napluizen. Voor de zekerheid vullen we de watertank toch al maar.

Mousehole is een zeer gezellig klein en mooi dorpje, met een droogvallende haven, waar veel locals zwemmen en zonnebaden. Leuk sfeertje.
Terug wandelend naar Penzance, een apero-stop op een terrasje op de dijk, en voor vanavond heeft Kurt gereserveerd in The Dolphin Tavern, vlakbij de haven. Suggestie is de Cornish Sole, tong dus uit Cornwall met krokante groene kool, lekker, spijtig dat de dampkap zo slecht werkte, want de hele pub rook naar ’frituur’…

St. Michaels Mount

Vrijdag 30 juni: Penzance

Een pak grijzer dan gisteren, zo was het voorspeld. Ook regen op komst.
Opnieuw met de Coaster op stap, maar nu anti-clockwise, tot Marazion. St. Michael Mount is bij laagwater via een wandelpad bereikbaar, en dat is vandaag open tot 11 u. We zorgen dus dat we er op tijd zijn, 10.20 is ok. Toeristisch uiteraard, maar niet te vergelijken met grote broer Mont Saint Michel in FR. Bij de toegang tot het eiland kan je kiezen voor een ticket voor het kasteel of de tuinen van het kasteel of beiden. We kiezen alleen het kasteel want als het straks erger gaat regenen, hebben we daar toch niks aan.


De toegang tot het kasteel en de kerk is weer klimmen geblazen, de parkwachters maken iedereen erop attent dat de paden glad kunnen zijn. Toch zie je vele bezoekers op teenslippers hier, een hel me dunkt.
Het kasteel is sinds lange tijd, nadat de oorspronkelijke priorij verboden werd, eigendom van een adellijke familie en wordt nu samen met The National Trust gerund. The Lord and Lady wonen nog in een privé-deel en stellen de rest open voor het publiek, behalve op zaterdag, dan is het hele eiland gesloten. Er wonen ook nog een aantal personeelsleden op het eiland, mensen die de bootjes onderhouden, de tuinen verzorgen enz. In het kasteel wandel je in verschillende vertrekken, o.a. de blauwe kamer die dienst doet bij officiële ontvangsten, ook toen Queen Elisabeth dit optrekje bezocht in 2013. De kapel is sober, middeleeuws, zeer authentiek.

Na dit bezoek is het pad naar de wal ingenomen door de vloed en worden we met kleine bootjes terug gevaren naar het dorp. Landing tussen enkele rotsen door, in een heel klein havenkommetje.
Een late lunch in de Cutty Sark, en dan retour tot Penzance, waar we de volgende bus willen nemen tot Mousehole, maar het begint nu goed te regenen, en we besluiten om naar de boot te gaan. Toch nog even langs het stadje en hier vind ik nu wel een warme bakker, vers en lekker brood.

We zetten nu toch maar de kuiptent op de boot, zodat we de luiken kunnen open laten, en onze regenjassen kunnen laten drogen. Penzance is een goed beschutte haven, de wind zet door maar we liggen rustig hier.

Land’s End en knikkende knieën!

Donderdag 29 juni: Penzance 

De verkenning van dit uiterst westelijke stuk van Cornwall starten we hier in Penzance bij het busstation. Om 9u30 stappen we de Land’s End Coaster op, we kopen 2 tickets  à 5 pond per stuk, en kunnen als we willen de hele dag rondrijden. Totale duur van de rondrit is 3u45, en die starten we nu dus in klokwijzerzin tot Porthcruro, een klein uurtje rijden. We zitten op de eerste rij bovenaan de dubbeldekkerbus en het is weer een heel avontuur. Af en toe de ogen toe 😀, zo smal dat tegenliggers vaak een heel stuk terug achteruit moeten rijden !

Vanaf Porthcruro wandelen we het Coasal Footh Path, again, en dat gaat zeker nog langs een 8-tal kliffen en baaien, ontzettend mooi, vermoeiend wegens klimmen en dalen, de 9 km voelt als het dubbele!  Er wordt wat af gefotografeerd; hoe we dat vroeger zouden gedaan hebben met onze filmrolletjes, ik weet het niet hoor. Alleszins nu is het niet het intern geheugen van mobiel of fototoestel die het opgeeft, maar eerder de batterijen van onze apparaten. Maar we zijn voorzien en hebben de powerbanks mee.

Mooie baaikes met rotspartijen, kleine zandstrandjes waar zwemmers en honden zich begeven in het frisse water, en stilaan komen we dichter bij Land’s End, het meest zuidwestelijke deel van het Britse Eiland. De Islands of Scilly liggen op ca. 30 zeemijl en zien we ver weg laag liggen. Bij Land’s End is er uiteraard een vuurtoren, een hotel met restaurant, souvenirwinkeltjes en een kinderspeelpark.  

Hier is het maar enkele minuten wachten op onze Coasterbus, en we rijden dus een eind verder, meer dan een uur sightseeing, tot de populaire badplaats St. Ives aan de noordkant van Cornwall, en dus het Bristol Kanaal. Het is een levendig stadje, met 2 grote zandstranden en vele leuke winkeltjes. Horeca uiteraard ook goed vertegenwoordigd om alle dag- en andere toeristen te laven en voeden. We zoeken een restaurantje uit, blijkt een Fransman te zijn en bestellen schartong (recent uitgeroepen tot vis van het jaar in België) en gegrilde makreel met salsa Verde… rond 18u30 wachten we voor het laatste stukje bus, en dat gaat zuidelijk via het binnenland en dan langs Marazion, de plaats van St. Michaels Mount, de kleine tegenhanger van de Mont St. Michel in Normandië. Dat staat morgen op ons lijstje!

Op de Balena terug kunnen we buiten nog wat drinken maar lang duurt onze avond niet, we zijn teutaf… (of beter NL, bekaf). 

Knikkende knieën, zowel op de hoge kliffen als in de bus!!

Lizard Point als verste Kaap gerond

Woensdag 28 juni: Falmouth – Penzance (36 M)

De wekker staat vroeg maar een kwartier eerder zijn we allebei wakker. Het begint licht te worden, kort ontbijt en alles snel klaar voor vertrek. Gelukkig geen schip meer naast ons komen liggen vannacht. 

We vertrekken om 6 u, en de reden is voornamelijk omdat de wind later op de dag alleen maar zal toenemen. Wind is (of zou) eerst west zijn, en later krimpen naar zuidwest. Ons eerste stuk is zuid/zuidwest, dus hoe vroeger we de west nog hebben, des te minder scherp we moeten zeilen. We sturen richting Lizard Point, weer een ”nieuwe” Kaap te ronden voor ons. 

Er is niet veel golfslag, en ook weinig verkeer hier. Wel visfuiken waarvoor je goed moet oppassen. Bij Lizard Point valt alles goed mee, en dan kunnen we afvallen richting Penzance of Newlyn… afhankelijk van onze ETA (Estimated Time of Arrival,  oftewel de verwachte aankomsttijd) beslissen we waar we zullen heengaan. De 2 havens liggen vlak bij elkaar, Newlyn kan je altijd binnen en is een belangrijke lokale vissershaven. Penzance heeft een havenkom waarvan de deuren geopend worden vanaf 2 uur vóór tot 1 uur na hoogwater. HW is om 13u15… en onze ETA zegt : 13u… als we tenminste onze speed van 5 à 6 knopen kunnen aanhouden. En ja hoor, op één oor gaat het goed richting Penzance. 

We zien 2 zeiljachten aan de mooring liggen te wachten. Als ik de haven oproep, antwoorden ze dat ze nog met een werk bezig zijn en dat de deuren binnen een kwartier openen. We leggen ons nog even aan de wachtmooring en dan komt een groot werkschip naar buiten varen en mogen we samen met het NL en het FR jacht binnenvaren. Dat het hier geen echte marina was, dat wisten we wel, maar het is eigenlijk een echte werkhaven, wat oude schrootboten, enkele lokale vissers en verweerde zeilboten. De havenmeester zegt dat we als kleinste aan de drie zeilers mogen aanmeren, hij komt ons vriendelijk helpen. De andere 2 zeilschepen liggen met 37 en 36 voet aan de kade. We moeten dus over 3 schepen stappen, en dan via een ladder op de kade klauteren, een hele ’tocht’ want die schepen zijn bijlange niet zo proper opgeruimd als bij ons. We krijgen de code van de (eenvoudige) douche met toilet en rusten even uit in de kuip. We hebben even motregen gehad en het was ook mistig op zee maar nu klaart het wat open

Rond een uur of 5 wandelen we even naar het dorp en naar het busstation. Met de nodige informatie voorhanden dokteren we ’s avonds een planning in elkaar om hier enkele dagen te vertoeven.

Truro en een vreemde kortingstrategie

Dinsdag 27 juni: Falmouth 

Dag 2 met onze Fal River Mussel Card op stap, maar eerst even naar de warme bakker… om 8 u is die nog niet open, 9 u pas. Daar wachten we niet op, dus Kurt verder naar de Tesco-supermarkt en hij komt terug met een driekazenbrood 😀… das eens wat anders als ontbijt. 

Wandelend naar het busstation, zien we in het centrum van Falmouth een klein lokaal marktje. We stappen op bus U1, voor Truro, de hoofdstad van Cornwall. Als de chauffeur onze kaart scant, biept zijn apparaat ROOD, maar hij zegt, ”Stap maar in”. Nochtans is deze, en vele andere buslijnen, inbegrepen. We zetten ons op de tweede etage, vooraan, goed zicht, maar af en toe moet je je ogen wel sluiten voor het tegenliggend verkeer, je went er niet snel aan.

Truro is een leuk stadje, autovrij centrum, met een neo-gotische kathedraal, pas afgewerkt in 1905. Daar moeten we zeker even passeren, zegt men ons in het Toeristenbureau. Met een plannetje in de hand, daarnaartoe dus. Maar eerst even een stop in een prachtige boekenwinkel met koffie/gebakcorner. En in een schoenwinkel past Kurt een Adidas-sneaker, uit het promo-rek  à 50 % korting, mooi en past perfect. Als hij de rechterschoen probeert, is die een maat verschil. Even naar de verkoopster, en zegt die : “ja, daarom krijg je die korting”… Ja, daag ! 

De kathedraal ligt aan een rustig pleintje, en heeft 1 grote en 2 kleinere torens, heeft een groot orgel en een mooi koor, maar is natuurlijk niet zo fijn uitgewerkt als de echt gotische voorbeelden.

We wandelen via de Victoria Gardens naar het treinstation, en op 30 minuten staan we in de Falmouth Docks. Zo kunnen we nog een rondje Coastal Path volgen rond

Pendennis Castle en het schiereiland. Je hebt van hier ook zicht op enkele stranden van deze zuidkant. 

Het was vandaag overwegend grijs, we hadden voor het eerst allebei een lange broek aan en onze regenjassen mee, maar hebben die niet nodig gehad. Vlakbij onze haven, in The Stable, houden we halt om een lekker desempizza te bestellen, geen kookwerk meer aan boord dus. Wel nog enkele andere werkjes voor we morgenvroeg vertrekken : water en mazout bijvullen, tent eraf, batterij van de bijboot opladen, …

Ondertussen weten we wat de zodiac doet die hier al sinds gisternacht regelmatig vaart: het is het wedstrijdschip van de AZAB race, een zeilwedstrijd naar de AZoren en BAck. De schepen vertrokken 2 juni vanaf Falmouth, hadden daar een 10-tal dagen rust, en vertrokken er opnieuw 20 juni. Nu druppelen ze stilaan binnen, we hopen dat er vannacht niemand naast ons komt liggen, want we willen vroeg vertrekken morgen.

Rondje Fal River

Maandag 26 juni: Falmouth 

Een combinatietrip uitgestippeld om met de aangekochte Fal River Pass, de omgeving te verkennen. Voor ons vertrek, verleggen we onze boot nog, er is een plaats vrij gekomen aan de steiger, zodat we niet meer als tweede liggen en zo is de Engelse buurman ook van onze passages verlost (hoewel hij er geen probleem mee heeft, hoor). Maar het is maandag en het zal nu wel wat rustiger zijn dan de voorbije dagen. 

Na douche en ontbijt en havengeld betaald te hebben, vertrekken we om 9u30 om de eerste ferry van 10 u. te nemen tot Malpas, een mooi stuk rivier, met vele vele moorings van vaste ligplaatshouders, en ook Visitors, regelmatig een steiger (met of zonder toegang tot de wal) en ook jachten op anker. In Malpas stappen we niet uit, we keren mee retour en stappen in de tussenhalte Trelissick af. Hier kan je een beroemd huis met tuinen bezichtigen, maar wij varen de rivier over met de King Harry Floating Bridge, dat is maar een stukje ferry voor auto’s en vrachtvervoer, slechts 300 m, en de ferry ’vaart’ via 2 kettingen van liefst 6000 kg per stuk. Het is iets over het middaguur dat we aan de andere oever belanden en we onze wandeling kunnen aanvatten.

Het is allemaal zeer landelijk, het eerste stuk op het smalle baantje, dus wel wat uitkijken voor verkeer, maar druk is het niet echt. Een eerste stop is in St. Just in Roseland waar we een mooi parochiekerkje binnenkijken. Geen pracht en praal maar zeer oud en mooi onderhouden. Er is een heel park met begraafplaats rond, veel trappen en rotsen, zeer pittoresk. Vanaf dan wandelen we terug op een lokaal Footh Path, tussen bossen, weien, en uiteindelijk langs de rivier tot het oude vissershaventje St. Mawes.

Op onze weg ontmoeten we een man die het Footh Path in deze regio ‘tweemaal per jaari ’in toom houdt’, ttz hij snoeit klimop, varens, onkruid, grassen enz. die het pad belemmeren. Een hele klus met dit weer. Want hoewel het deze morgen en soms ook overdag flink bewolkt is, warmt het nog goed op, zeker in de beschutting van het bos.

In St. Mawes kom je terug in de bewoonde wereld, tja iets meer bewoond… enkele hotels en restaurants, de ferrykaai en wat winkeltjes. Ook een strandje en nog de mogelijkheid om verder te gaan naar het schiereiland waar de vuurtoren staat, maar dat zit er voor ons niet meer in. De stappenteller staat al op 22.000 dus genoeg voor vandaag. We zoeken een restaurantje om op een vreemd uur wat te eten, en belanden op het terras van rest. SunRise.

Dan nemen we de ferry van St. Mawes tot Falmouth en zo is ons rondje rond.

Even langs de supermarkt, en terug aan boord zet Kurt voor vanavond de kuiptent : zo is de wind geen argument om binnen te kruipen 🙂 ! 

Lazy sunday

Zondag 25 juni: Falmouth

Een echte zondag, lang geslapen, laat ontbeten en we willen een keer de boot wat opruimen en poetsen. In Cornwall is het ook al lang droog en je mag enkel water gebruiken om je tank te vullen, en je mag dus de waterslang niet genruiken om de boot af te spuiten. Met emmertjes water lukt het ook, uiteraard veel meer waterbesparend.

Het is zonnig en warm maar er staat veel wind. Er wordt een witte was gesorteerd en gewassen, heel even basisdrogen in de droogkast maar dan hangen we verder alles op, en in een mum van tijd is alles droog.
Verder gebeurt er niet veel vandaag, we plannen wat we hier graag nog willen doen, en bestellen een Fal Mussel Visitors Card, waarmee we de volgende 2 dagen onbeperkt gebruik kunnen maken van een aantal ferry’s, bussen en treinen.

Op ons menu aan boord staan voor het eerst gekookte aardappeltjes met een stukje steak en salade. Ik heb met dit warme weer bijna uitsluitend salades van allerlei slag samengesteld.

Spectaculair ontvangst in Falmouth/ Cornwall !

Zaterdag 24 juni: Plymouth ankerbaai – Falmouth (38,2 M)

Na een nacht schokkelend ´slapen´ zijn we allebei niet uitgerust zoals het zou moeten. We bleven mooi binnen onze draaicirkel maar de deining zorgde voor een constante beweging. Soit, we zijn dus op tijd wakker en halen als een van de eerste het anker boven. Om 8 u verlaten we deze baai, en misschien dat we Plymouth in de retour wel bezoeken. De wind staat voor vandaag nog gunstig om verder west te varen, en dat zou de komende dagen wel eens anders kunnen zijn, daarom dus enkel een ankerstop in deze stad.

Het anker komt mooi proper boven en als alles weggeborgen is, kunnen we mooi zeilen. Er is een aangename en warme wind, hier is niet veel stroom tegen, dus daar houden we vandaag niet teveel rekening mee. Het gaat smoothly, meestal halve wind maar we zijn voorbereid want de maritieme weerberichten voorspelden variabel, en dat is eigenlijk zoveel als : we weten het ook niet echt, dus afwachten maar. Soit, we kunnen het gros van het traject zeilen. We zien zeiljacht SeaShanty bijna 2 knopen sneller zeilen dan wij, die haalt ons in, en dan zie je het, op motor en zeilen bij, de English way of sailing. Ja, zo kunnen we het ook, maar dat doen we natuurlijk niet. 

Stilaan naderen we Falmouth, en zien we een spectaculaire airshow boven de stad met 8 vliegtuigen van het Britse leger, de Red Arrows ! Wat een geweld en wat een show, met wit´blauw´rode lijnen toveren ze allerlei tekeningen aan de horizon, zelfs een hartje met een pijl erdoor. Soms zie je ze bijna crashen tegen elkaar maar het komt natuurlijk allemaal goed. Aansluitend nog kunstjes van enkele helikopters, o.a. Chinook. Dit allemaal ter ere van Armed Forces Day dat elk jaar in een andere Britse stad extra gevierd wordt, en dat blijkt nu op 23, 24 en 25 juni in Falmouth te zijn. Het is een feest ter ere van militairen, hun families en veteranen, en er wordt vanalles georganiseerd. Voor de grote militaire parade zijn we te laat, maar deze luchtshows hebben we dus kunnen meepikken.  

We zoeken tussen de Regatta van de gaffers naar de toegang van de haven, en meren af in de Falmouth  Haven Marina naast een Engelse 36 voeter. 

Het is hier lekker warm, zon in de kuip en geen wind meer. Bakken en braden, we gaan betalen en ook gelijk genieten van een frisse douche. 

En dan wandelen we het centrum in… veel volk, zaterdagavond maar dus ook nog vele bezoekers ivm deze feestelijken hier. Beetje volk van allerlei pluimage, we zien piloten in officieel smoking, militairen in hun battle dress en hogere officieren met al hun medailles… daarnaast veel tatoeages en daaronder zie je dan nog een beetje man of vrouw. Ook natuurlijk Vertrekkers-Boten, die hier wachten op het juiste weer om hun rondje Carieb aan te vangen, en als dat toch niet zou lukken, zijn er hier genoeg eethuisjes van allerlei soort om Caribisch, Creools, Jamaicaans te eten :)… Kurt kiest voor een traditional beer battered fish and chips en zweert dat dit nu echt de laatste keer is, want hij lust eigenlijk het bierdeeg niet.

Als we terug aan boord zijn en in de kuip zitten, worden we getrakteerd op maar liefst 2 x vuurwerk, het eerste is misschien een probeersel, maar het tweede is een heel mooi spektakel en daarmee is ons ontvangst in Falmouth officieel afgesloten

Eerste ankernacht ?

Vrijdag 23 juni: Dittisham – Plymouth (43 M)

Relaxe ochtend want we willen tij mee hebben om de volgende Kaap, Start Point, te ronden. We slapen dus uit, of beter gezegd, we zetten geen wekker. Ontbijt en boot opruimen, alles zeevast want het eerste stuk tot die Kaap, zal opkruisen worden.

We bereiden ons voor, met twee reven, hier in Dittisham voel je het al goed waaien. We lossen de boei om 11u30 en varen de river Dart af. Op onze ligplaats van gisteren ligt inderdaad een oud zeil/stoomschip, een tweemaster, nav de Dartmouth Classic Regatta. Op zee hijsen we de zeilen en zeilen we zo scherp als mogelijk. 2 reven blijken te veel, en ze gaan er een voor een weer uit. Het gaat zoals gepland, eerst nig wat stroom tegen en bij de Kaap is het tij gedraaid en hebben we de stroom in ons voordeel. 

Vanaf dan is het met een knik in de schoot richting Plymouth, soms valt de wind wat terug en zeilen we maar 3 kn en dan weer tot 6 kn. We blijven volhouden tot een uurtje voor bestemming.  

Het was vandaag vaak bewolkt en het voelde ook klam aan, ik heb mijn zeilvakantie voor het eerst heel de dag gedragen. Dichter bij Plymouth leek het zelfs mistig te worden maar dat viel uiteindelijk toch mee. 

We hadden gepland om hier voor anker te gaan in de baai Cawsand, die beschut is tegen westelijke winden, omdat we morgen verder willen naar Falmouth.

En dat dit een begeerde ankerplaats is, blijkt al snel want er liggen zo´n 30 andere zeilers achter hun anker. We zoeken een geschikte plaats en droppen anker, 18 m ketting, 10 m looplijn en dat is genoeg voor deze 8 m diepte bij net geen hoogwater. We blijken uiteindelijk niet buiten de cirkel van 30 m verplaatst te zijn tijden de 12 u dat we er lagen.
We eten buiten rond 21 u nog een salade, het is er rustig maar er staat wel een swell, een deining die de hele nacht voelbaar is. En daardoor hebben we allebei niet zo goed geslapen, we rolden constant van links naar rechts en terug…

Mooring gepikt

Donderdag 22 juni: Dartmouth – Dittisham (2,5 M)

De havenmeester had ons gisteren gevraagd om de Jetty Pontoon te verlaten tegen de middag omdat dit deel gereserveerd is voor een 30 m motorschip. Sowieso wilden we nog even polshoogte nemen wat verder op de rivier. Na ons ontbijt ruimt Kurt binnen alles op en wandel ik even naar de bakker en de supermarkt.  

De 2 marinevaartuigen vertrekken op oefening zoals gisteren en tegen 10 u worden we door de Engelse buren van de Dancing Deva uitgezwaaid. 

Op motor varen we tussen de vele moorings de Dart op, oppassen voor de Higher Ferry, want die vaart hangend aan een grond ketting, en kan dus niet uitwijken. We passeren ook de 2 marina´s van Dartmouth en zo komen we in het ondieper deel bij Dittisham. Daar zijn een 20tal Visitors Moorings, duidelijk aangeduid met nummers en max. lengte. Je mag er max. met 2 jachten aanmeren. We pikken een vrije boei en meteen komen we rustig met de neus in de stroom te liggen.  Het is hier een mooi plekje. Het begint weer lekker warm te worden. 

De bijboot wordt verder klaargemaakt: bijpompen, van de boot takelen,  elektrisch motortje en accu te voorschijn toveren. Ook de waterdichte noodtas wordt gevuld, en zo sturen we het rode mormel naar de Landing Pontoon. Vooral in en uitstappen is een avontuur op zich. 

Toen we hier naartoe voeren, zagen we al vanuit Dartmouth een zwarte rookpluim, duidelijk een fikse brand.

In het steile straatje van het gehucht, richting de kade, zien we de resten van een volledig uitgebrande camionette, wellicht niet kunnen remmen of een ander probleem, en frontaal tot stilstand gekomen tegen de zijgevel van een huis. Serieus gehavend en zelfs stukken uit het dak. En stinken natuurlijk want de brand is pas een halfuur geleden volledig geblust. 

In dit kleine gehucht word je bij de kade al getrakteerd op 2 pubs/restaurants. We gaan lunchen in het Anchorstone Café dat een fantastisch zicht biedt op vele dansende bootjes aan de mooring, waaronder Balena natuurlijk.

Het zit er goed vol, en de kaart is vooral op basis van vis, oa krab, grote garnalen,tarbot, zwarte brasem en kabeljauw. Nog een koffietje en dan wat lezen aan de kade. 

We varen terug naar de boot, zien de havenmeester passeren, en die moeten we nog betalen. En dan maken we nog een klein toerke langs enkele boeien en belanden we terug aan boord. Morgen vertrekken we wellicht naar Plymouth, en dus wordt het bijbootje ontmanteld en op de voorplecht vastgebonden.

We maken een plan voor morgen, later vertrekken dan gedacht dus kunnen we uitslapen als we willen. We willen een kaartspelletje doen, en dan blijkt dat ik geen kaarten bijheb 😞… dan maar 4 op een rij.

Dartmonding te voet

Woensdag 21 juni: Dartmouth

We beleven de langste dag van het jaar en het begin van de zomer in Dartmouth. Het toeristische leven komt al in de ochtend op gang, en na ons ontbijt maken de 2 militaire vaartuigen die vlak achter ons liggen, zich klaar om te vertrekken. Met een aantal zeer jonge officieren in opleiding gaan ze oefeningen doen. Ze liggen amper een meter van ons schip en hebben weinig maneuverruimte, maar ze varen zich gewoon vanaf de steiger weg.

We blijven hier liggen, alles voorhanden en lekker centraal. Om 10 u zijn we op pad, even kijken bij de Dartmouth Yacht Club maar die opent pas om 11 u. Zuidelijk wandelen we via het West Coast Footh Path naar Warfleet Cove en Dartmouth Castle.  Een lekkere cappucino met een mooi panoramisch zicht op de riviermonding, waar we gisteren dus voeren. Verder gaat het dalend en stijgend, soms behoorlijk steil, we zweten wat af, zeker in de klimpartijen en wanneer we tussen de bomen wandelen waar het erg vochtig aanvoelt. Telkens we een baai bereiken is er de verfrissende zeewind, zuidwest 4 à 5 bft. We houden een kleine picknick op een bankje met een fenomenaal uitzicht. 

Nadien buigt de wandeling het land in, en passeren we een Nature Reserve waar jonge koeien grazen aan grassen en hagen. We moeten ze wat uit elkaar proberen te ‘mennen’ om door een smalle passage te kunnen. Verder mooie weilanden met klaprozen, korenbloemen, boterbloemen, en andere wilde bloemensoorten. Het is een mooi afwisselend landschap, en stilaan komen we terug in de bewoonde wereld.

In Dartmouth is er toeristische bedrijvigheid maar het is er zeker nog niet druk. Dit weekend zou dat wel eens het geval kunnen zijn, want dan gaat hier de Historic Regatta door. Dat zal wel mooi zijn maar denk niet dat we daarvoor per se zullen blijven liggen.

We gaan nu even naar de Yacht Club, voor een glaasje fris en om douchemunten te kopen. En dan naar de Balena waar het fijn toeven is in de kuip. De havenmeester komt opnieuw langs om te havengelden te innen, en zegt dat wij, samen met de 3 andere schepen die hier aangemeerd zijn, morgen tegen 12 u weg moeten omdat er een schip van 30 m gereseveerd heeft. We dutten allebei een halfuurtje in, en als we terug bij leven zijn, ligt er aan de andere kant van ons Pontoon een kolossaal motorschip, Constance, 46 m lang, en de bemanning is blijkbaar alles aan het voorbereiden om gasten te ontvangen. 

We eten aan boord, en wandelen nog even naar de club om een frisse douche te nuttigen. ’s Avonds in de kuip koelt het wel steeds af, we merken wel degelijk een verschil met de Scandinavische bestemmingen als Denemarken, zuid-Zweden en zuid-Noorwegen waar de nachten veel korter zijn en het dus ook veel minder afkoelt. Maar we klagen niet, zon en wolken waren vandaag van de partij en het was perfect wandelweer…

Kort en pittig

Dinsdag 20 juni: Torquay – Dartmouth (16,5 M)

Vannacht heeft het voor het eerst echt goed geregend… als we opstaan, droog en nog wat bewolkt, maar de zon heeft er zin in. We bekijken de weerinfo, en het is kiezen of delen: ofwel tijdig vertrekken zonder wind en alles op motor tot Dartmouth, ofwel later vertrekken, met de consequenties van wind, wel op de kop, zodat we kunnen zeilen… We kiezen de tweede optie, en dat maakt dat we deze voormiddag nog tijd hebben om de bijboot uit de achterkooi te halen en deels oppompen. We gaan die echter niet achter ons slepen, maar takelen hem aan boord, op de punt, en binden hem vast. Wel minder bewegingsruimte daar maar als we hem nodig hebben op de river Dart toch al flink minder werk.

We vertrekken iets na 13 u., we zeilen de Tor Bay uit, en al snel blijkt er heel wat meer wind te staan dan we verwacht hadden… We zeilen aan de wind, er is een behoorlijke golfslag, we hebben nog stroom tegen ook, en dat blijkt uit de afgelegde track. Maar we zeilen, de zon is van de partij en ik ben snel nat van opspattend buiswater en verrassende golfjes. Als we vrij komen van Berry Head, zien we tot 22 kn wind, en beslissen we om te reven om wat meer comfortabel te liggen. Snel gaat ook reef 2 erin, en dan wordt het sturen ook weer veel lichter. Ondertussen mijn k-way aan, niet voor de regen maar om de wind te breken. Dat doet deugd. Met 3 overstagmaneuvers lopen we stilaan de river Dart aan en in de monding valt de wind bijna dood. We roepen via vhf 11 de autoriteiten DartNav op, en we motoren tot de  Town Jetty Pontoon waar we aan de binnenkant als tweede jacht afmeren naast een Engelse zeilboot, voor twee rare marinevaartuigen. We zijn 3 uren onderweg geweest. Als we alles goed vast hebben, met springen voor en achter voor de stroom op de rivier, wordt de kuip gezellig gemaakt. Er hier heel wat te bekijken, de ferry’s en ook rondvaartboten meren hier af en aan, maar het is qua bewegingen goed te doen. Bovendien stopt dit verkeer om 19 u. We eten een feta-salade wegens te warm om te koken, en kunnen nog een tijd buiten zitten lezen…

In de voetsporen van Agatha Christie

Maandag 19 juni: Torquay

Na het ontbijt betalen we bij de havenmeester/dockmaster ons liggeld. We krijgen wifi-code, magneetstrip voor douchecomplex en toegang in ruil. De damesdouches zijn aparte cellen met mooie vernieuwde douche en lavabo.

Bij vertrek vanuit de haven passeren we een warme bakker, een Fransman bovendien, hij heeft mooi vers speltbrood dus dat laten we niet liggen, Kurt brengt het snel naar de boot, en we vatten ons kusttraject aan met de wandelschoenen vandaag.

We lazen dat Agatha Christie in Torquay geboren is, en dat ze vaak deze kliffen en baaikes bezocht. We volgen het West Coast Footh Path: zeer groen, veel trapjes en op en neer, steile kliffen onder ons, af en toe een ‘cove’ en een klein strandje. Zeer afwisselend en zeer pittoresk, het lijkt soms de Italiaanse Bloemenriviera of zelfs een Spaans of Grieks ankertafereel… de beelden spreken voor zich.

Zo stappen we tot Babbacombe, Cove en strand, en dan het dorpje binnen, waar we in de pub The Divers Arms een salade en baguette bestellen. Het gaat er easy aan toe, dat geeft ons tijd om even op adem te komen en rond 16 u stappen we via de bebouwde wereld terug naar Torquay.  Ik dacht dat dit stadje nogal mondain was maar het is alleszins nu verpauperd. Enkel de zeeboulevard heeft nog wat cachet. In supermarkt Tesco Express vinden we wel verse groenten en fruit en wat we nog nodig hebben. 

Rustige avond aan boord, wat lezen en voorbereiden voor de volgende stop…